# 5 A B C D E F G H I K L M N O P R S T U V W Z

Z

emoties die zijn gekoppeld aan het zelfbewustzijn en de mogelijkheid tot zelf-evaluatie, zoals schaamte, schuld, gêne, vernedering, en trots. Deze emoties ontwikkelen zich bij mensen ongeveer vanaf het tweede levensjaar. 
defined by: Liesbeth Mann
Methode van wetenschappelijk onderzoek waarbij proefpersonen die ondervraagd worden zelf vragenlijsten invullen.
defined by: Glynis Bogaard
Alle subjectieve positieve en negatieve eigenschappen die we onszelf toebedelen, zoals ‘Ik ben aantrekkelijk’ of ‘Ik ben lui’.
defined by: Renske van der Cruijsen
Het actief reguleren van je eigen gedachten, emoties of gedrag. 
defined by: Loes Janssen
Zel­fidentiteit verwijst naar de percepties die een individu heeft van zichzelf als persoon en kan bijvoorbeeld zijn gebaseerd op bepaald gedrag. Een sterke ‘roker zel­fidentiteit’ betekent bijvoorbeeld dat het roken als gedrag belangrijk is voor hoe een roker zichzelf ziet.
defined by: Eline Meijer
het omgaan met de medische, praktische en emotionele aspecten van het hebben van een chronische aandoening of ziekte door de patiënt zelf, zonder professionele ondersteuning
defined by: Bob Mulder, Milou van Belzen
Intern systeem ge-richt op het bewust zijn en registreren van eigen handelingen, cognities, en emoties ('wat doe, denk en voel ik?'). Activering van dit systeem ligt vaak aan de basis van zelfregulerend gedrag. 
defined by: Reint Jan Renes, Baukje Stinesen
Een psychologische theorie die beschrijft hoe identiteit wordt gevormd door gedrag.
defined by: Eline Meijer
Hoe tevreden iemand is met zichzelf als persoon.
defined by: Mariëlle van Loenen, Eddie Brummelman