# 5 A B C D E F G H I K L M N O P R S T U V W Z

I

De mate waarin iemand de eigen groep belangrijk vindt en waardeert.
defined by: Jellie Sierksma
Een indirecte methode om vooroordelen te meten, gebaseerd op reactietijden. Er wordt hierbij gekeken hoe snel mensen zijn om negatieve versus positieve concepten te associëren met verschillende groepen. Hoe sneller mensen zijn in het combineren van negatieve concepten met een bepaalde groep, in vergelijking tot het combineren van positieve concepten met die groep, hoe sterker de vooroordelen.
defined by: Annemarie Wennekers
Het proces waarbij mensen de indruk of mening die anderen van hen hebben willen beïnvloeden door gedrag te vertonen dat door de ander positief ervaren wordt.
defined by: Roel Hermans
Het vermogen om impulsen, oftewel automatische neigingen om bepaalde gedragingen te vertonen, te kunnen remmen.
defined by: Tilia Linthout
neiging tot handelen vanuit plotselinge opwellingen en niet volgens weloverwogen planning.
defined by: Fania Dassen
Een sociale categorie die overkoepelend is voor meerdere sociale subcategorieën.
defined by: Elze Ufkes
Hofstede en Bond (1984) onderscheiden dimensies waarop culturen kunnen verschillen, waaronder individualisme/collectivisme. Mensen in individualistische culturen zien zichzelf als unieke personen en zijn meer gericht op het nastreven van persoonlijke doelen dan collectivistische culturen (vaker een private zelf).
defined by: Marleen Onwezen, Jos Bartels, Gerrit Antonides
Van oudsher zien cognitieve psychologen de mens als een verwerker van informatie. Net als bij een computer wordt informatie die het system binnenkomt systematisch bewerkt waarnaar er output wordt gegenereerd
defined by: Marieke M. J. W. van Rooij
Impliciete of informele verplichtingen verwijzen naar de niet-tastbare aspecten, zoals waardering en ontwikkelingsmogelijkheden, die een werknemer en werkgever kunnen uitwisselen als onderdeel van een psychologisch contract.
defined by: Yannick Griep
Een sociale groep waar de persoon zich mee identificeert en zichzelf als lid van de groep beschouwt.
defined by: Marieke Vermue
(remming of onderdrukking): Een executieve functie die ons in staat stelt (dominante) acties of gedachten te stoppen wanneer zij opkomen.
defined by: Kevin van Schie
De vaardigheid om goed in te kunnen schatten hoe anderen zich voelen in een bepaalde situatie.
defined by: Monique Pollmann
Media en technologie die het mogelijk maken dat zender en ontvanger interactief met elkaar kunnen communiceren. 
defined by: Reint Jan Renes, Baukje Stinesen
Interacties tussen individuen van verschillende sociale groepen waarbij de personen zich bewust zijn van de groep waartoe de andere persoon behoort. Bijvoorbeeld vriendschappen, collegiale contacten of contact tussen buren van verschillende sociale groepen.
defined by: Marieke Vermue
Geïnternaliseerde verwachtingen over hoe anderen met ons zullen omgaan.
defined by: Daudi van Veen
De effecten van emoties op (het gedrag van) anderen. 
defined by: Gert-Jan Lelieveld
Doelbewust ingrijpen om een verandering te realiseren. 
defined by: Reint Jan Renes, Baukje Stinesen
de manier waarop mensen intuïtief—automatisch, zonder rationele overwegingen—geneigd zijn te complimenteren.
defined by: Mariëlle van Loenen, Eddie Brummelman
Een onvrijwillige, zich herhalende gedachte of herinnering met een ongewenste of negatieve inhoud.,
defined by: Kevin van Schie